zaterdag 8 januari 2011
Darya Stern neemt het niet zo nauw met de waarheid
Ja, José, je hebt gelijk, Darya Stern neemt het niet zo nauw met de waarheid, zelfs al is wat ze zegt aantoonbaar niet waar. Ook ik had van een arts meer integriteit verwacht. Ik overweeg een klacht tegen haar in te dienen bij met Medisch Tuchtrecht.
woensdag 5 januari 2011
E. Janson Directeur BovenIJ Ziekenhuis
Van de week heb ik een brief gekregen van de heer E.Janson, directeur van het BovenIJ en ik krijg de indruk dat hij serieus op de klachten in gaat. Ik heb hem daarom onderstaande brief gestuurd en hoop nu maar dat ik me niet vergis en dat hij dit wel serieus gaat bekijken. Ik had me tenslotte ook niet kunnen voorstellen dat de klachtencommissie het reglement aan z'n laars zou lappen en ik kan het me ook nog steeds niet goed voorstellen. Het is echt Kafka in het BovenIJ.
- - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - Geachte heer Janson,
Vrijdag jl. uw brief ontvangen, waarvoor dank. Ik ben blij te vernemen dat u mijn klachten serieus neemt. Het gebeurde is zo kafkaësk, dat ik dit niet geloofd zou hebben als iemand het mij zou hebben verteld.
De manier waarop er op 13 juni met mijn man op Cardiologie is omgegaan, vind ik onbegrijpelijk en heel ernstig. Hoe de klachtencommissie nu meent mijn ernstigste klachten hierover in de doofpot te kunnen stoppen, had ik niet voor mogelijk gehouden. Voor zover gemaakte fouten gegrond verklaard worden betreft dat het handelen van verpleegkundigen ook al zijn de artsen daarvoor uiteindelijk verantwoordelijk. Fouten feitelijk gemaakt door artsen worden zeer zorgvuldig afgedekt. Dat is niet zoals de wetgever het klachtrecht heeft bedoeld en zoals het in het reglement is vastgelegd. Ik mocht er toch van uit gaan dat de commissie volgens het reglement te werk zou gaan.
Inmiddels heb ik antwoord van de klachtencommissie die liet weten haar werkzaamheden i.v.m. deze klacht als beëindigd te beschouwen.
Ook om voor mezelf alles goed duidelijk te krijgen, heb ik van de week alle gebeurtenissen van 13 juni in chronologische volgorde gezet, met de reacties van betrokkenen en de uitspraak van de commissie daarachter.
Hierdoor werd me een aantal zaken duidelijker dan daarvoor. Zoals dat de commissie haar uitspraak over het vernevelen alleen heeft gebaseerd op wat de heer Bakx daarover zegt en wat mevr. Stern, die mijn man heeft laten vernevelen daarover zegt, niet eens heeft meegenomen, net zo min als wat ik daarover zeg. Als het door de heer Bakx vermeende longprobleem al zou bestaan, dan nog had mevr. Stern dat niet kunnen weten. Mevr. Stern heeft noch mijn man, noch zijn status gezien en moest aan Mevr. Meerleveld vragen wat de reden van opname was en die wist dat duidelijk ook niet. De commissie had moeten uitgaan van wat mevr. Stern erover zegt: “vernevelen op proef” (zonder dat ze de reden wist waarom mijn man was opgenomen) en ze had moeten uitzoeken wat ik daarover heb gezegd: “mijn man had geen long- maar een hartprobleem. Juist heel goede longen volgens de longarts in het ziekenhuis twee dagen eerder Geen enkele reden om te vernevelen, alle reden om te kijken of het longoedeem zich niet weer uitbreidde.
Pas dan had de commissie een uitspraak kunnen doen die onafhankelijk en onpartijdig is!
1d” Uit het verweer blijkt dat de heer Bogaart verneveld werd, omdat er sprake was van een patiënt die bekend is met longproblematiek. De klachtencommissie vindt dit te rechtvaardigen”.
De klachtencommissie acht dit klachtenonderdeel 1d ongegrond.
Een commissie die op basis van deze feiten een dergelijke uitspraak doet, neemt haar taak absoluut niet serieus! Ik zou alsnog willen weten waarmee mijn man is verneveld en of dat wel verantwoord was in verband met zijn zeer ernstige hartproblemen. Ik ben bang dat het niet verantwoord was en dat het eerder ‘mishandelen’ dan ‘behandelen’ was.
Ik denk dat de arts-assistent ’s morgens al een heel grote fout heeft gemaakt door de 1.4 kilo die mijn man was aangekomen te negeren. Ik begrijp dan ook niet dat die arts helemaal buiten beeld blijft.
Een paar maanden voor mijn man zo ziek werd is mijn vader overleden aan het falen van zijn metralis hartklep. Ik had het net allemaal voorbij zien komen, inclusief het oedeem. Alleen breidde het oedeem zich bij mijn vader in weken uit en bij mijn man in uren. Mijn vader had al jaren problemen met die klep en moest zich dagelijks wegen. Bij een gewichtstoename van 2 of meer kilo in een week tijd, moest hij de cardioloog waarschuwen. Bij mijn vader begon het oedeem zich pas zo’n twee maanden voor zijn overlijden langzaam te manifesteren. Er is door de Cardioloog in Leeuwarden, wel al die jaren voor gewaakt!
Mijn man kwam in een etmaal 1.4 kg aan, nadat hij 4 dagen eerder met een acuut longoedeem was opgenomen. Waarom zou dit oedeem wat zo snel en volkomen onverwachts was opgetreden, niet weer opnieuw ontstaan? Het onderliggende probleem was tenslotte nog niet opgelost. Ik denk dat er een hele grote rode sticker op zijn status had moeten zitten met de waarschuwing, dat bij gewichtstoename en/of benauwdheid onmiddellijk de Cardioloog moest worden gewaarschuwd! Maar ik vraag me af of er wel in de status staat wat de reden van opname was. Ik zou graag willen weten wat er over de reden van opname in de status staat en waarom mevr. van Meerleveld die toch de zorg voor mijn man had, deze niet kende.
Wel wordt klachtonderdeel 1b gegrond verklaard en had mijn man volgens de commissie al die middag door een arts moeten worden gezien, maar de ronduit onbeschofte manier waarop mevr. van Leijen ons heeft bejegend wordt er niet in genoemd. Ik denk dat de commissie het optreden van mevr. van Leijen had moeten melden bij de directie. Mevr. van Leijen neemt in haar reactie geen enkele verantwoordelijkheid voor haar gedrag en legt die bij haar werkgever die haar met te weinig personeel laat werken. Dat kan geen excuus zijn om ons te schofferen, en zeker niet mijn man als ernstig zieke patiënt. Helemaal onbegrijpelijk wordt het als ik de site van het BovenIJ open en in het lachende gezicht van Chantal van Leijen kijk die zegt: “Wij behandelen geen patiënten maar mensen”.
Wat ook beslist niet klopt is de manier waarop klachtonderdeel 3 b ongegrond is verklaard.
3b “Niet het bellen van de heer Bogaart is de reden geweest dat hij werd overgeplaatst naar de IC, maar het snel achteruit gaan van zijn conditie”.
Mevrouw Hirsch heeft de klachtonderdelen uit mijn brief zo geformuleerd. Er staat niet dat mijn man naar de IC is gebracht omdat hij voor de derde keer belde. Hij heeft ook niet voor de derde keer gebeld omdat hij zo graag naar de IC wilde. Hij heeft voor de derde keer gebeld omdat hij zo verslechterde. Toch duurde het daarna nog een uur voordat de arts werd gewaarschuwd en nog 2 tot 2.5 uur voordat die er daadwerkelijk was. Dat wist ik niet toen ik mijn klacht indiende. Wel klaagde mijn man op de IC dat het zo “vreselijk lang” had geduurd voor er een arts kwam en dat terwijl hij nauwelijks kon praten. Ik heb dat toen toch niet echt in tijd gezien, want wat is ‘lang’ als je benauwd bent. Als ik nu zie, hoe lang, dat lang was, dan word ik er beroerd van. Je zult daar maar liggen en benauwd zijn en het was nog levensgevaarlijk ook! Ik ben erg blij dat mijn man dit alles heeft overleefd, maar ik denk dat hij er nu beter aan toe zou zijn, als er veel eerder adequate maatregelen waren genomen. Langdurig zuurstof tekort doet een lichaam bepaald geen goed. Daar zou toch van geleerd moeten worden.
Ook wordt de chronologische volgorde van het gebeurde zo verdraaid, dat het de juiste gang van zaken lijkt. Als het zo zou zijn gegaan, dan had ik daar geen klacht over ingediend. Meer dan dat kan en mag je niet verwachten, ook niet als het niet afloopt zoals je graag had gezien.
Vervolg 3b “Dit ondanks het ingezette onderzoek en de gestarte behandeling met verneveling, zuurstoftoediening en intraveneuze toediening van Lasix. Dit sloeg echter niet voldoende aan, zodat overplaatsing naar de intensive care noodzakelijk was.”
De klachtencommissie acht dit klachtonderdeel 3b ongegrond.
Hier wordt gesuggereerd dat er onderzoek is ingezet om 23,00 uur en op basis daarvan is behandeld zonder dat het aansloeg. Dat is wel heel ver bezijden de waarheid!
Niet het onderzoek is eerst ingezet! De gestarte “behandeling” van vernevelen en zuurstof is zelfs ingezet zonder dat mevr. Stern en mevr. Meerleveld wisten wat er met mijn man aan de hand was! Mevr. Stern zegt een uur na het vernevelen te hebben teruggebeld en dat het toen goed ging met patiënt. In werkelijkheid kreeg hij een half uur na het vernevelen zuurstof omdat hij voor de derde keer had gebeld dat het niet goed ging. Ondanks de zuurstof, bleef de saturatie te laag en daarom besloot mevr. Poortman om 0.30 uur mevr. Stern weer te bellen.
Die zegt toen direct naar de afdeling te zijn gegaan en heeft er vervolgens 1 tot 1.5 uur over gedaan om daar te komen. Ze kwam tussen 1.30- en 2.00 uur op de afdeling aan.
Pas toen is voor het eerst onderzoek gestart en op dat moment was mijn man al weer in een zeer levensbedreigende toestand! (Ruim 11 uur nadat ik vond dat er een arts moest komen en heb verteld wat er aan de hand was.) Mevr. Stern zegt daarover: “Toen ben ik direct naar de afdeling gegaan en trof een zeer kortademige patiënt aan”. Ik onderzocht patiënt en vond hem klinisch linkszijdig overvuld, waarna ik de opdracht gaf 40 mg lasix (plasmedicatie met als doel ontwateren) intraveneus toe te dienen. Vervolgens heb ik zelf verdere diagnostiek ingezet, zoals een bloedgas en een thoraxfoto. Na het bekend worden van het sterk hypoxische (gebrek aan zuurstof) bloedgas heb ik contact opgenomen met de dienstdoende cardioloog, waarna besloten is patiënt over te plaatsen naar de intensive care".
In deze volgorde is het een heel ander verhaal dan waarop de commissie klachtonderdeel 3b ongegrond verklaard! Ik denk niet alleen dat mijn klacht zeer gegrond is, maar ook dat de commissie zelfs de wettelijke plicht had het gebeurde te melden bij de directie en er op had moeten toezien dat deze de juiste maatregelen nam om te voorkomen dat het in de toekomst weer zo zou gebeuren. Een minder sterke patiënt had dit waarschijnlijk niet overleefd en ik denk dat mijn man hier beter uit vandaan gekomen zou zijn, als er eerder onderzoek was gedaan en de juiste behandeling was gegeven. De commissie heeft een meldplicht bij ernstige klachten, als er bijv. “geen sprake meer is van verantwoorde zorg”. Er was beslist geen sprake van verantwoorde zorg. De commissie heeft niet het recht zaken te verdraaien en daarmee de ernst van een klacht te verbloemen. Dan trap je een patiënt die toch al heel slecht behandeld is na en er kan geen lering uit worden getrokken voor de toekomst.
Voor sommige fouten ook met zeer ernstige gevolgen, heb ik toch begrip als ze in een ogenblik van onoplettendheid gemaakt worden. Met mijn man is niet op een bepaald moment een fout gemaakt. Er is sprake van een ernstig disfunctioneren van bijna alle betrokkenen gedurende meer dan een half etmaal. Nu worden we ook nog eens geconfronteerd met een klachtencommissie die de ernstigste feiten in de doofpot probeert te stoppen. Dat vind ik ronduit gevaarlijk! Ik ben erg benieuwd uw mening over de gang van zaken te vernemen en hoop ook op een aantal vragen alsnog antwoord te krijgen.
Met vriendelijke groet,
Leny Bogaart
- - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - Geachte heer Janson,
Vrijdag jl. uw brief ontvangen, waarvoor dank. Ik ben blij te vernemen dat u mijn klachten serieus neemt. Het gebeurde is zo kafkaësk, dat ik dit niet geloofd zou hebben als iemand het mij zou hebben verteld.
De manier waarop er op 13 juni met mijn man op Cardiologie is omgegaan, vind ik onbegrijpelijk en heel ernstig. Hoe de klachtencommissie nu meent mijn ernstigste klachten hierover in de doofpot te kunnen stoppen, had ik niet voor mogelijk gehouden. Voor zover gemaakte fouten gegrond verklaard worden betreft dat het handelen van verpleegkundigen ook al zijn de artsen daarvoor uiteindelijk verantwoordelijk. Fouten feitelijk gemaakt door artsen worden zeer zorgvuldig afgedekt. Dat is niet zoals de wetgever het klachtrecht heeft bedoeld en zoals het in het reglement is vastgelegd. Ik mocht er toch van uit gaan dat de commissie volgens het reglement te werk zou gaan.
Inmiddels heb ik antwoord van de klachtencommissie die liet weten haar werkzaamheden i.v.m. deze klacht als beëindigd te beschouwen.
Ook om voor mezelf alles goed duidelijk te krijgen, heb ik van de week alle gebeurtenissen van 13 juni in chronologische volgorde gezet, met de reacties van betrokkenen en de uitspraak van de commissie daarachter.
Hierdoor werd me een aantal zaken duidelijker dan daarvoor. Zoals dat de commissie haar uitspraak over het vernevelen alleen heeft gebaseerd op wat de heer Bakx daarover zegt en wat mevr. Stern, die mijn man heeft laten vernevelen daarover zegt, niet eens heeft meegenomen, net zo min als wat ik daarover zeg. Als het door de heer Bakx vermeende longprobleem al zou bestaan, dan nog had mevr. Stern dat niet kunnen weten. Mevr. Stern heeft noch mijn man, noch zijn status gezien en moest aan Mevr. Meerleveld vragen wat de reden van opname was en die wist dat duidelijk ook niet. De commissie had moeten uitgaan van wat mevr. Stern erover zegt: “vernevelen op proef” (zonder dat ze de reden wist waarom mijn man was opgenomen) en ze had moeten uitzoeken wat ik daarover heb gezegd: “mijn man had geen long- maar een hartprobleem. Juist heel goede longen volgens de longarts in het ziekenhuis twee dagen eerder Geen enkele reden om te vernevelen, alle reden om te kijken of het longoedeem zich niet weer uitbreidde.
Pas dan had de commissie een uitspraak kunnen doen die onafhankelijk en onpartijdig is!
1d” Uit het verweer blijkt dat de heer Bogaart verneveld werd, omdat er sprake was van een patiënt die bekend is met longproblematiek. De klachtencommissie vindt dit te rechtvaardigen”.
De klachtencommissie acht dit klachtenonderdeel 1d ongegrond.
Een commissie die op basis van deze feiten een dergelijke uitspraak doet, neemt haar taak absoluut niet serieus! Ik zou alsnog willen weten waarmee mijn man is verneveld en of dat wel verantwoord was in verband met zijn zeer ernstige hartproblemen. Ik ben bang dat het niet verantwoord was en dat het eerder ‘mishandelen’ dan ‘behandelen’ was.
Ik denk dat de arts-assistent ’s morgens al een heel grote fout heeft gemaakt door de 1.4 kilo die mijn man was aangekomen te negeren. Ik begrijp dan ook niet dat die arts helemaal buiten beeld blijft.
Een paar maanden voor mijn man zo ziek werd is mijn vader overleden aan het falen van zijn metralis hartklep. Ik had het net allemaal voorbij zien komen, inclusief het oedeem. Alleen breidde het oedeem zich bij mijn vader in weken uit en bij mijn man in uren. Mijn vader had al jaren problemen met die klep en moest zich dagelijks wegen. Bij een gewichtstoename van 2 of meer kilo in een week tijd, moest hij de cardioloog waarschuwen. Bij mijn vader begon het oedeem zich pas zo’n twee maanden voor zijn overlijden langzaam te manifesteren. Er is door de Cardioloog in Leeuwarden, wel al die jaren voor gewaakt!
Mijn man kwam in een etmaal 1.4 kg aan, nadat hij 4 dagen eerder met een acuut longoedeem was opgenomen. Waarom zou dit oedeem wat zo snel en volkomen onverwachts was opgetreden, niet weer opnieuw ontstaan? Het onderliggende probleem was tenslotte nog niet opgelost. Ik denk dat er een hele grote rode sticker op zijn status had moeten zitten met de waarschuwing, dat bij gewichtstoename en/of benauwdheid onmiddellijk de Cardioloog moest worden gewaarschuwd! Maar ik vraag me af of er wel in de status staat wat de reden van opname was. Ik zou graag willen weten wat er over de reden van opname in de status staat en waarom mevr. van Meerleveld die toch de zorg voor mijn man had, deze niet kende.
Wel wordt klachtonderdeel 1b gegrond verklaard en had mijn man volgens de commissie al die middag door een arts moeten worden gezien, maar de ronduit onbeschofte manier waarop mevr. van Leijen ons heeft bejegend wordt er niet in genoemd. Ik denk dat de commissie het optreden van mevr. van Leijen had moeten melden bij de directie. Mevr. van Leijen neemt in haar reactie geen enkele verantwoordelijkheid voor haar gedrag en legt die bij haar werkgever die haar met te weinig personeel laat werken. Dat kan geen excuus zijn om ons te schofferen, en zeker niet mijn man als ernstig zieke patiënt. Helemaal onbegrijpelijk wordt het als ik de site van het BovenIJ open en in het lachende gezicht van Chantal van Leijen kijk die zegt: “Wij behandelen geen patiënten maar mensen”.
Wat ook beslist niet klopt is de manier waarop klachtonderdeel 3 b ongegrond is verklaard.
3b “Niet het bellen van de heer Bogaart is de reden geweest dat hij werd overgeplaatst naar de IC, maar het snel achteruit gaan van zijn conditie”.
Mevrouw Hirsch heeft de klachtonderdelen uit mijn brief zo geformuleerd. Er staat niet dat mijn man naar de IC is gebracht omdat hij voor de derde keer belde. Hij heeft ook niet voor de derde keer gebeld omdat hij zo graag naar de IC wilde. Hij heeft voor de derde keer gebeld omdat hij zo verslechterde. Toch duurde het daarna nog een uur voordat de arts werd gewaarschuwd en nog 2 tot 2.5 uur voordat die er daadwerkelijk was. Dat wist ik niet toen ik mijn klacht indiende. Wel klaagde mijn man op de IC dat het zo “vreselijk lang” had geduurd voor er een arts kwam en dat terwijl hij nauwelijks kon praten. Ik heb dat toen toch niet echt in tijd gezien, want wat is ‘lang’ als je benauwd bent. Als ik nu zie, hoe lang, dat lang was, dan word ik er beroerd van. Je zult daar maar liggen en benauwd zijn en het was nog levensgevaarlijk ook! Ik ben erg blij dat mijn man dit alles heeft overleefd, maar ik denk dat hij er nu beter aan toe zou zijn, als er veel eerder adequate maatregelen waren genomen. Langdurig zuurstof tekort doet een lichaam bepaald geen goed. Daar zou toch van geleerd moeten worden.
Ook wordt de chronologische volgorde van het gebeurde zo verdraaid, dat het de juiste gang van zaken lijkt. Als het zo zou zijn gegaan, dan had ik daar geen klacht over ingediend. Meer dan dat kan en mag je niet verwachten, ook niet als het niet afloopt zoals je graag had gezien.
Vervolg 3b “Dit ondanks het ingezette onderzoek en de gestarte behandeling met verneveling, zuurstoftoediening en intraveneuze toediening van Lasix. Dit sloeg echter niet voldoende aan, zodat overplaatsing naar de intensive care noodzakelijk was.”
De klachtencommissie acht dit klachtonderdeel 3b ongegrond.
Hier wordt gesuggereerd dat er onderzoek is ingezet om 23,00 uur en op basis daarvan is behandeld zonder dat het aansloeg. Dat is wel heel ver bezijden de waarheid!
Niet het onderzoek is eerst ingezet! De gestarte “behandeling” van vernevelen en zuurstof is zelfs ingezet zonder dat mevr. Stern en mevr. Meerleveld wisten wat er met mijn man aan de hand was! Mevr. Stern zegt een uur na het vernevelen te hebben teruggebeld en dat het toen goed ging met patiënt. In werkelijkheid kreeg hij een half uur na het vernevelen zuurstof omdat hij voor de derde keer had gebeld dat het niet goed ging. Ondanks de zuurstof, bleef de saturatie te laag en daarom besloot mevr. Poortman om 0.30 uur mevr. Stern weer te bellen.
Die zegt toen direct naar de afdeling te zijn gegaan en heeft er vervolgens 1 tot 1.5 uur over gedaan om daar te komen. Ze kwam tussen 1.30- en 2.00 uur op de afdeling aan.
Pas toen is voor het eerst onderzoek gestart en op dat moment was mijn man al weer in een zeer levensbedreigende toestand! (Ruim 11 uur nadat ik vond dat er een arts moest komen en heb verteld wat er aan de hand was.) Mevr. Stern zegt daarover: “Toen ben ik direct naar de afdeling gegaan en trof een zeer kortademige patiënt aan”. Ik onderzocht patiënt en vond hem klinisch linkszijdig overvuld, waarna ik de opdracht gaf 40 mg lasix (plasmedicatie met als doel ontwateren) intraveneus toe te dienen. Vervolgens heb ik zelf verdere diagnostiek ingezet, zoals een bloedgas en een thoraxfoto. Na het bekend worden van het sterk hypoxische (gebrek aan zuurstof) bloedgas heb ik contact opgenomen met de dienstdoende cardioloog, waarna besloten is patiënt over te plaatsen naar de intensive care".
In deze volgorde is het een heel ander verhaal dan waarop de commissie klachtonderdeel 3b ongegrond verklaard! Ik denk niet alleen dat mijn klacht zeer gegrond is, maar ook dat de commissie zelfs de wettelijke plicht had het gebeurde te melden bij de directie en er op had moeten toezien dat deze de juiste maatregelen nam om te voorkomen dat het in de toekomst weer zo zou gebeuren. Een minder sterke patiënt had dit waarschijnlijk niet overleefd en ik denk dat mijn man hier beter uit vandaan gekomen zou zijn, als er eerder onderzoek was gedaan en de juiste behandeling was gegeven. De commissie heeft een meldplicht bij ernstige klachten, als er bijv. “geen sprake meer is van verantwoorde zorg”. Er was beslist geen sprake van verantwoorde zorg. De commissie heeft niet het recht zaken te verdraaien en daarmee de ernst van een klacht te verbloemen. Dan trap je een patiënt die toch al heel slecht behandeld is na en er kan geen lering uit worden getrokken voor de toekomst.
Voor sommige fouten ook met zeer ernstige gevolgen, heb ik toch begrip als ze in een ogenblik van onoplettendheid gemaakt worden. Met mijn man is niet op een bepaald moment een fout gemaakt. Er is sprake van een ernstig disfunctioneren van bijna alle betrokkenen gedurende meer dan een half etmaal. Nu worden we ook nog eens geconfronteerd met een klachtencommissie die de ernstigste feiten in de doofpot probeert te stoppen. Dat vind ik ronduit gevaarlijk! Ik ben erg benieuwd uw mening over de gang van zaken te vernemen en hoop ook op een aantal vragen alsnog antwoord te krijgen.
Met vriendelijke groet,
Leny Bogaart
Abonneren op:
Posts (Atom)